Buikgriep

Buikgriep en het Rota-vaccin

Podcast & video

1. Wat is buikgriep?

Buikgriep is een ontsteking van je maag en darmen. Hoe ontstaat zo’n ontsteking? Meestal komt dit door een virus, bacterie of parasiet. Dit zijn superkleine ‘beestjes’ die je ziek kunnen maken. Buikgriep is besmettelijk. Je kind kan het bijvoorbeeld krijgen als het speelt met een ander kind dat op dat moment buikgriep heeft. Bijvoorbeeld op het kinderdagverblijf of op school. Je kind kan ook buikgriep krijgen op vakantie, vooral in warme landen. Bijvoorbeeld door eten of drinken dat besmet is.

Stel, je hebt buikgriep. Wat merk je dan? Je voelt je niet lekker. Je voelt je misselijk en moet spugen. Je moet vaak naar de wc en merkt dan dat je poep dunner is dan normaal. Soms zo dun als water. Dit noemen we diarree. Sommige kinderen met buikgriep hebben ook bloed of slijm in de poep. Andere klachten die je kunt hebben, zijn:

  • Koorts:
  • Buikkrampen;
  • Hoofdpijn;
  • Moe zijn;
  • Geen zin hebben in eten of drinken.

2. Hoe vaak komt buikgriep voor?

Buikgriep komt heel vaak voor. Vooral bij kinderen onder de 5 jaar. Kinderen onder de 3 jaar krijgen gemiddeld 1 keer per jaar buikgriep. 1 op de 7 kinderen komt met buikgriep naar de dokter. 1 op de 30 kinderen met buikgriep moet worden opgenomen in het ziekenhuis vanwege uitdroging.

Bij de meeste kinderen gaat buikgriep vanzelf weer over. Een probleem kan zijn dat jonge kinderen door de buikgriep te veel vocht kwijtraken. Ze drogen dan uit. Soms is het dan nodig om extra vocht toe te dienen. Dit gebeurt in het ziekenhuis, via een slangetje in de neus naar de maag (sonde) of een dun slangetje in de hand of arm (infuus). Meer hierover lees je bij vraag 6.

Ongeveer de helft van de kinderen die vanwege uitdroging in het ziekenhuis worden opgenomen, zijn  besmet met het rotavirus. Sinds kort is voor deze vorm van buikgriep een vaccin beschikbaar.  Meer hierover lees je bij vraag 7.

3. Waar moet je op letten als ouder om uitdroging te voorkomen?

Heeft je kind buikgriep? Spuugt het veel? Heeft je kind diarree? Dan verliest je kind vocht en zouten. Als je kind te veel vocht en zouten verliest, kan het uitdrogen (zie plaatjes bij vraag 6). Vooral bij kinderen onder de 2 jaar kan dit snel gaan. Het is daarom belangrijk dat je weet waar je op moet letten als je kind buikgriep heeft. En dat je weet wanneer je de dokter moet bellen.

Neem contact op met je dokter als je kind:

  • Veel spuugt (meer dan 4 keer per dag)
  • Gal of bloed spuugt;
  • Veel diarree heeft (meer dan 8 keer per dag);
  • Steeds minder vocht en voeding binnenhoudt;
  • Hierbij hoge koorts heeft (boven de 38.5 C verliest je kind extra vocht);
  • Suf of sloom is, of ander afwijkend of geirriteerd gedrag vertoont;
  • Moeilijk wakker wordt;
  • Een droge mond of tong heeft
  • Huilt zonder tranen;
  • Koude handjes of voetjes heeft.

Ter verduidelijking: minder plassen zegt niet zoveel, het gaat er vooral om of je kind veel vocht verliest. Bij jonge baby’s kun je er wel letten of de plasluiers minder worden. Ook gewichtsverlies is lastig vast te stellen. Diarree, spugen en gebrek aan eetlust kunnen invloed hebben op het gewicht van je kind. Het helpt als je het gewicht van je kind weet, dan kunnen we dit vergelijken met het gewicht van nu. Maar het blijft vaak lastig te bepalen hoeveel gewicht je kind precies is verloren vanwege de buikgriep.

4. Waar kijkt de dokter naar bij buikgriep?

De dokter wil weten:

  • Hoeveel je kind drinkt en of het nog plast;
  • Hoe vaak en hoeveel je kind spuugt en diarree heeft.

De dokter wil ook weten:

  • Hoeveel je kind woog voordat het ziek werd.
  • Of het ander gedrag laat zien. Of het bijvoorbeeld suf, sloom of geirriteeerd is;
  • Of het moeilijk wakker wordt;
  • Of huilt zonder tranen.

Wat doet de dokter? De dokter:

  • Weegt je kind;
  • Meet de temperatuur, hartslag en ademhaling.

Ook kijkt de dokter naar tekenen van uitdroging (zie plaatjes bij vraag 6).

De dokter kijkt dan naar het volgende:

  • Hoe reageert je kind? Is het nog alert of is het suf, sloom of geirriteerd?
  • Hoe is de doorbloeding van je kind?
  • Zijn er tekenen van uitdroging?
  • Liggen de oogjes dieper dan normaal?
  • Zijn de slijmvliezen (in de mond) voldoende vochtig?
  • Hoe ziet de huid eruit?
  • Zijn de handjes en voetjes koud of warm?

Soms is meer onderzoek nodig. De dokter onderzoekt dan het bloed of de poep van je kind. Bijvoorbeeld als:

  • De buikgriep is begonnen na de vakantie in een tropisch land;
  • Er tekenen zijn van ernstige uitdroging;
  • De buikgriep meer dan 2 weken duurt;
  • De diarree bloederig is.

5. Wat kun je doen als ouder om uitdroging bij je kind te voorkomen?

Het is eigenlijk heel logisch: om uitdroging te voorkomen is het belangrijk dat je kind genoeg drinkt. Dat is belangrijker dan vaste voeding. Vaste voeding kan je kind best een paar dagen missen. Hoe zorg je ervoor dat je kind genoeg drinkt?

  • Ga bij baby’s door met borst- of flesvoeding, en geef tussendoor regelmatig slokjes water;
  • Geef grotere kinderen drinken dat ze lekker vinden. Spuugt je kind snel? Geef dan kleine slokjes te drinken in plaats van in één keer een heel glas;
  • Geef je kind appelsap met water: ongeveer half half. Hierin zitten suikers en zouten die in deze situatie goed zijn voor je kind. Limonade, (groente)bouillon of thee met suiker is ook goed;
  • In het ziekenhuis geven we soms Oral Rehydration Solution (ORS). Thuis hoeft u dit niet te geven. Kinderen vinden het vaak niet lekker;
  • Buikgriep is besmettelijk. Als het ‘heerst’ op het kinderdagverblijf of op school, is het lastig te voorkomen dat ook jouw kind het krijgt. Wat kun je doen? Je doet er goed aan je handen te wassen met water en zeep. Doe dit dan in ieder geval na het poepen en plassen, na het verschonen van de luier en voor het eten. Dit maakt de kans kleiner dat je de buikgriep doorgeeft aan anderen.

6. Is buikgriep bij iedereen even erg?

Het is eigenlijk heel logisch: om uitdroging te voorkomen is het belangrijk dat je kind genoeg drinkt. Dat is belangrijker dan vaste voeding. Vaste voeding kan je kind best een paar dagen missen. Hoe zorg je ervoor dat je kind genoeg drinkt?

  • Ga bij baby’s door met borst- of flesvoeding, en geef tussendoor regelmatig slokjes water;
  • Geef grotere kinderen drinken dat ze lekker vinden. Spuugt je kind snel? Geef dan kleine slokjes te drinken in plaats van in één keer een heel glas;
  • Geef je kind appelsap met water: ongeveer half half. Hierin zitten suikers en zouten die in deze situatie goed zijn voor je kind. Limonade, (groente)bouillon of thee met suiker is ook goed;
  • In het ziekenhuis geven we soms Oral Rehydration Solution (ORS). Thuis hoeft u dit niet te geven. Kinderen vinden het vaak niet lekker;
  • Buikgriep is besmettelijk. Als het ‘heerst’ op het kinderdagverblijf of op school, is het lastig te voorkomen dat ook jouw kind het krijgt. Wat kun je doen? Je doet er goed aan je handen te wassen met water en zeep. Doe dit dan in ieder geval na het poepen en plassen, na het verschonen van de luier en voor het eten. Dit maakt de kans kleiner dat je de buikgriep doorgeeft aan anderen.

Minimaal of geen uitdroging

Heeft je kind niet veel vocht verloren? Zijn er geen verschijnselen van uitdroging of zijn deze minimaal? Dan hoeft je kind niet in het ziekenhuis te blijven. Je krijgt tips mee waar je thuis op moet letten.

Figuur 1. Minimale uitdroging

Milde of matige uitdroging

AIs je kind mild tot matig uitgedroogd? Dan blijft je kind enige uren in het ziekenhuis. We gebruiken deze tijd om het vochttekort weer aan te vullen. Meestal krijgt je kind iets tegen de misselijkheid een slangetje dat door de neus naar de maag loopt. Dit noemen we een sonde.

Via deze sonde geven we dan Oral Rehydration Solution (ORS). Dit is een speciaal drankje met suikers en zouten. Hierdoor zijn de darmen beter in staat het vocht snel en goed op te nemen. Het smaakt niet zo lekker. Thuis is dat vaak een probleem. In het ziekenhuis is dat geen probleem, daar krijgt je kind het drankje via het slangetje. Je kind proeft dan niets. Soms drinken kinderen het zelf, dan is een sonde niet nodig. Na ongeveer 4 uur mag je kind weer naar huis.

Figuur 2. Milde uitdroging

Ernstige uitdroging

Als er sprake is van ernstige uitdroging is vaak bloedonderzoek nodig. We onderzoeken dan onder andere of de balans tussen water suiker en zout goed is in het bloed. Meestal krijgt je kind iets tegen de misselijkheid en een slangetje door de neus naar de maag. Via deze sonde dienen we langere tijd Oral Rehydration Solution (ORS) toe.

Figuur 3. Ernstige uitdroging

Het kan ook zijn dat je kind vocht krijgt toegediend via een infuus. Het extra vocht brengen we dan in via een dun slangetje in de ader van de hand of arm.  We houden goed in de gaten hoeveel vocht je kind verdraagt en hoeveel vocht het lichaam verlaat via de plas en eventueel diarree. Als de uitdroging voorbij is en je kind kan weer goed drinken, mag je kind weer naar huis.

Medicijnen

Antibiotica hoeven we bijna nooit te geven. Je kind bestrijdt het virus met het eigen afweersysteem. Het kan wel 2 weken duren voordat de poep van je kind weer normaal is. Soms krijgt je kind het medicijn Ondansetron voorgeschreven. Dit helpt tegen misselijkheid en spugen.

Als je kind (weer) naar huis mag geven we tips mee geven je tips mee waar je thuis op moet letten. Ook vertellen we wanneer je weer contact op moet nemen (zie vraag 3).

7. Nieuwe ontwikkeling om buikgriep met het rotavirus te voorkomen: het rota-vaccin

Het rotavirus is heel besmettelijk. Na goed handen wassen kan het nog op je handen blijven zitten. Op speelgoed kan het bijvoorbeeld wel 60 dagen blijven zitten en iemand besmetten.

Bijna ieder kind krijgt voor het 5e levensjaar wel een keer een infectie met het rotavirus. De eerste keer verloopt het heftigst. Je kind krijgt dan meestal koorts, is misselijk en moet vaak spugen. Vaak heeft je kind ook waterdunne diarree. De kans op uitdroging is het grootst bij jonge kinderen tussen de 6 maanden en 2 jaar. En ook bij kwetsbare kinderen, die

  • Te vroeg geboren zijn (voor 36 weken);
  • Geboren zijn met een laag geboortegewicht (onder de 2500 gram);
  • Of een ernstige onderliggende ziekte hebben.

Infecties met het rotavirus komen in Nederland vooral voor in de maanden januari tot en met april. In Nederland komen elk jaar ongeveer 3500 kinderen in het ziekenhuis terecht vanwege uitdroging door buikgriep met het rotavirus.

Vaccin tegen het rotavirus

Je kunt je kind vaccineren tegen het rotavirus. Je kind krijgt hiervoor een vloeistof in de mond gedruppeld. Het is dus geen prik. Dit druppelen gebeurt 2 keer, met 4 weken ertussen. Meestal doen we dit als je kind tussen 6-9 weken en rond 3 maanden oud is. Het vaccin bevat een kleine hoeveelheid rotavirus. Dit virus is zo zwak gemaakt dat het je kind niet ziek maakt. Het is wel sterk genoeg om het lichaam te stimuleren antistoffen tegen rotavirus aan te maken. Als je kind dan later in aanraking komt met dit virus, zal het afweersysteem van je kind het virus veel sneller onschadelijk maken. Je kind is dan beschermd en krijgt dus geen of weinig klachten van een rotavirus -besmetting. De kans op een ziekenhuisopname is dan ook veel kleiner.

Vanaf januari 2024 krijgen alle kinderen in Nederland via het Rijksvaccinatieprogramma de mogelijkheid zich te laten vaccineren tegen deze ziekte. De keuze is aan de ouders, het is geen verplichting.

Zie ook onze keuzehulp voor het rotavaccin op de website.

Dit zijn redenen om het vaccin te geven:

  • Het beschermt je kind tegen een ernstige buikgriep door het rotavirus. Vaccinatie voorkomt bij 4 op de 5 kinderen een ziekenhuisopname door ernstige uitdroging;
  • Je kind is kwetsbaar voor het rotavirus omdat het te vroeg geboren werd (onder de 36 weken), geboren werd met een laag geboortegewicht (onder de 2500 gram) of een ernstige onderliggende ziekte heeft;
  • Het vaccin is veilig. Sinds 2006 wordt dit vaccin al in meer dan 100 landen over de hele wereld aan jonge kinderen gegeven;
  • Het is een drinkvaccin, geen prik;
  • Het vaccin kan gelijktijdig met andere vaccinaties worden gegeven;
  • Je kunt het ook voor andere kinderen doen. Als veel kinderen gevaccineerd zijn, worden minder kinderen ziek. Zo komen ook kwetsbare kinderen – bijvoorbeeld op een kinderdagverblijf – minder snel in aanraking met dit virus.

Dit zijn redenen om het rotavaccin niet te geven:

  • Het vaccin geeft soms bijwerkingen. Die zijn wel mild: van de 10 kinderen heeft 1 kind 1 dag last van buikpijn, winderigheid, diarree en geïrriteerdheid;
  • Het is een extra vaccinatie;
  • Van de 35.000 tot 100.000 kinderen komt bij 1 kind ‘invaginatie’ voor. Dit geldt vooral voor kinderen met een aangeboren afwijking aan maag en darmen. Dan kan je kind veel buikpijn krijgen omdat de darmen in elkaar schuiven;
  • Het vaccin wordt afgeraden als de moeder in de zwangerschap zogenaamde immunosuppressieve medicijnen heeft gebruikt. Zoals biomedicals, bijvoorbeeld bij de ziekte van Crohn of een reumatische aandoening.  
Figuur 4. Invaginatie = het in elkaar schuiven van de darm

7 tips

Tip 1: Houdt elke dag bij…

…hoeveel je kind drinkt en hoe vaak het spuugt en diarree heeft. Houd ook in de gaten hoeveel plas er nog in de luier komt.

Tip 2: Schone handen

Was na het plassen en poepen altijd je handen en die van je kind. Was je handen ook na het verschonen van de luier en voor het eten. Zo geef je de buikgriep minder snel door aan anderen.

Tip 3: Vaak kleine beetjes

Geef je kind regelmatig kleine beetjes te drinken om uitdroging te voorkomen (zie vraag 5).

Tip 4: Geef drinken wat je kind lekker vindt!

Het is de bedoeling dat je kind goed drinkt. Geef het daarom wat het lekker vindt. Eventueel appelsap, aangelengd met water (half-half), thee met suiker, (groente) bouillon of limonade. Oral Rehydration Solution (ORS) vinden de meeste kinderen niet lekker. Thuis is dit middel niet nodig.

Tip 5: Minder eten is niet erg

Je kind mag eten en drinken waar het trek in heeft. Waterijsjes bijvoorbeeld. Die zijn lekker en bevatten vocht en suikers. Eet je kind minder dan normaal? Tijdens een buikgriep is dat niet erg.

Tip 6: Neem op tijd contact op met de dokter

Zie je tekenen van uitdroging (zie vraag 3)? Neem dan direct contact op met je dokter. Bel in de avonden en weekenden de huisartsenpost.

Tip 7: Internet tips

Wil je meer weten of lezen? Kijk ook eens op de volgende sites:

Figuur 5. Gebruiksaanwijzing Rota-vaccin

De informatie van dit onderwerp downloaden

Auteurs
Drs. Eva Vermeer, arts-onderzoeker kinder-MDL, Amsterdam UMC
Drs. Marleen Groenveld, arts-assistent kindergeneeskunde, St. Antonius Ziekenhuis
Drs. Loïs Nelissen, arts-assistent interne geneeskunde, cardiologie en longziekten, Zaans Medisch Centrum
Drs. Anne Hoffman, arts-assistent kindergeneeskunde, Spaarne Gasthuis
Drs. Lotte Heijerman, kinderarts in opleiding, Amsterdam UMC
Drs. Carole Lasham, kinderarts, Tergooi MC
Dr. Karin Miedema, kinderarts, Tergooi MC
Dr. Fien van Dongen, kinderarts in opleiding, Amsterdam UMC

Drs. Esther Kootstra, arts-assistent kindergeneeskunde UMCG
Dr. Gerdine Kamp, kinderarts, Tergooi MC

Redactie
Femke Noordink, Moving Stories

Illustraties en vormgeving
Drs. Moniek Veldhuis, kinderarts in opleiding, Amsterdam UMC (@MoniekLegtUit)
Drs. Julia Groenveld, arts-assistent chirurgie, Onze Lieve Vrouwen Gasthuis

Met dank aan
Adviesraad van ouders en KinderAdviesRaad, Stichting Kind en Ziekenhuis
Dr Patricia Bruijning, UMC Utrecht

Onze meest actuele medische onderwerpen

Alle onderwerpen
  • Alle onderwerpen
  • A
  • B
  • C
  • D
  • H
  • K
  • L
  • O
  • P
  • S

Hoofdpijn

Ieder kind heeft wel eens hoofdpijn. Wil jij weten welke soorten hoofdpijn er zijn en hoe je de alarmsignalen kunt herkennen? Lees deze folder of luister onze podcast waarin kinderneuroloog Nienke Scheurer deze en nog veel meer interessante vragen over hoofdpijn beantwoordt. Daarnaast geeft Sebastiaan (11 jaar) die zelf migraine heeft, ontzettend goede tips!

Lees meer about Hoofdpijn

Buikgriep en het Rota-vaccin

Buikgriep bij kinderen, het komt veel voor. Vaak ontstaat dit door het rotavirus. In deze folder en podcast geven we informatie over buikgriep, hoe je uitdroging bij je kind kunt herkennen en over het rota-vaccin

Lees meer about Buikgriep en het Rota-vaccin

Gele baby

Een groot deel van de baby’s ziet na de geboorte geel, dit heeft verschillende oorzaken en is gelukkig onschuldig. In deze folder lees je er meer over. Luister ook onze podcast waarin Benthe, de moeder van Zed en kinderarts-neonatoloog Annemieke Kunst meer vertellen!

Lees meer about Gele baby

Astma

Astma bij kinderen, ben jij ook zo benieuwd hoe dat klinkt? Luister nu hoe onze kinderlongarts Dr. Bart van Ewijk dit geluid kan nadoen. In deze podcast van Kind bij de Dokter gaan Gerdine Kamp (kinderarts) en Lotte Heijerman (kinderarts in opleiding) in gesprek met Olivier en zijn moeder.

Lees meer about Astma